
Tour De France 2026
Etappe 10 Aurillac -> Le Lioran
Onze volledige voorbeschouwing
Etappe in een oogopslag
🚩 Start
Aurillac
🏁 Finish
Le Lioran
📏 Afstand
166,6 km
⛰️ Type
Heuvelrit
Parcours

Voorbeschouwing
Op dinsdag 14 juli één dag na de eerste rustdag trekt het peloton voor een van de meest explosieve etappes van deze Tour naar het Centraal Massief. In 166,6 kilometer tussen Aurillac en Le Lioran moeten de renners liefst 3.800 hoogtemeters overwinnen, waarbij het zwaartepunt van de etappe volledig in de laatste tachtig kilometer ligt. Op de Franse nationale feestdag is alles aanwezig voor een spectaculaire koers met zowel klassementsrenners als aanvallers die hun kans zullen ruiken.
De openingsfase van de rit is nog relatief rustig, maar daarna stapelen de beklimmingen zich in snel tempo op. De Col de la Griffoul (5,9 km aan 6,7%) vormt het startschot van een lange reeks hellingen. Vervolgens krijgen de renners de Col de Prat de Bouc (3,1 km aan 6,5%) en de Côte de Murat (5,2 km aan 5,3%) voorgeschoteld. De koers kan vervolgens echt ontploffen op de Puy Mary (7,8 km aan 6%), waarvan de laatste kilometers aanzienlijk steiler zijn. Op de top resteren nog ongeveer 22 kilometer tot de finish. Na een korte afdaling volgt vrijwel onmiddellijk de zwaarste klim van de dag: de Col de Pertus (4,4 km aan 8,5%). Boven op deze beklimming is het nog slechts 14 kilometer tot Le Lioran, waardoor aanvallen hier bijzonder interessant kunnen zijn voor zowel aanvallers als klassementsrenners.
Na de Col de Pertus blijft het lastig. Met de Col de Font de Cère (3,1 km aan 5,8%) wacht nog een laatste klim, waarvan de top op minder dan 3 kilometer van de finish ligt. Daarna volgt een korte afdaling richting Le Lioran, al loopt de weg in de laatste 500 meter opnieuw op aan gemiddeld 7,4%, waardoor ook de aankomst zelf nog voor verschillen kan zorgen.
Deze etappe biedt verschillende scenario’s. De zware opeenvolging van beklimmingen maakt het een uitstekende kans voor sterke aanvallers om vanuit een vroege vlucht voor de ritzege te strijden. Tegelijk is het parcours lastig genoeg om de klassementsploegen tot actie te dwingen. Zeker na een rustdag blijft het afwachten hoe de favorieten reageren en of iemand een mindere dag kent.
Twee jaar geleden kregen we hier een sprint-à-deux tussen Pogacar en Vingegaard, waarbij die laatste aan het langste eind trok. Dit kan bij het team van Pogacar revanchegevoelens oproepen, wat dan weer pleit voor een vroege strijd om het klassement.






